Gedicht van de maand

Februari


As


Op een dag regende het

geld uit de hemel. Widebody’s

van KLM vraten zich ongans.

Op de grond hielden barkeepers

hun voorschoten op, winkeliers

hun paraplu’s ondersteboven.

Het gorgelde in afvoerputjes,

miljarden waren hier klein bier.

 

Men zei dat de god daarboven

hemels diepe zakken had,

dat het misschien wel gratis was,

en dat wie dan leeft, dan zorgt.

 

In kamp Moria smeult de as

nog na, liggen onze beloften

als sintels tussen de wezenlozen.

Die god met diepe zakken zou  

de kinderen tot ons laten komen,

maar dat was in een eerder jaar,

per slot was zijn land Lesbos niet.

 

 Atze van Wieren